Daily Archives: May 9, 2013

Written in Music review by Henning Bolte

CF 275Lama – Lamaçal (CF 275)
Rating: 4.5
Lama, trompet, contrabass, drums, is een jong Portugees-Canadees trio met een stevige poot in Rotterdam en in Porto. Lama, dat zijn Susana Santos Silva, Gonçalo Almeida en Greg Smith. Op Lamaçal, hun tweede album op Clean Feed, live tijdens het Portalegre Jazzfest opgenomen, is het trio uitgebreid met klarinettist/saxofonist Chris Speed als gast. Lama bestaat uit drie jonge musici die er boven uit steken, op een bijzondere manier te werk gaan, iets boeiends te vertellen hebben en een sterke groepsidentiteit uitstralen. Op een souvereine wijze hanteren ze een breed arsenaal aan goed geabsorbeerde technieken en benaderingen uit de jazztraditie, weten deze volledig in dienst van hun eigen verbeelding te stellen en creëren – net als op hun eerste album Oneiros – een fascinerend geluid. De samenwerking met Chris Speed ligt in het voor de hand liggende verlengte daarvan.   Of het nou een Ornettish stuk is als Pair Of Dice of een stuk in treurmars-sfeer als Manta, het opgewekte voortwalsen van het titelstuk Lamaçal, de walviszang van Moby Dick, de schone melodie over een Bolero-achtig repeterend bas-motief van Anémona of de fraaie handrumming van Cachalote (potvis) – het overtuigt allemaal en vormt een kleurrijk oceanisch geheel. De zee als leefwereld speelt een prominente rol in alle stukken en de geest van Ornette waait door alle stukken. Het sterkst zoals al eerder gezegd in Pair Of Dice dat alle kwaliteiten van Ornettes Una Muy Bonita (1960, Change Of The Century) in zich heeft. En Santos Silva heeft in haar frasering onmiskenbaar iets van het onbevreesde momentum van Don Cherry. Haar samenspel met Chris Speed is rijk, sophisticated en vol productieve spanning.   De bijzondere kwaliteit van Lamas muziek zit hem vooral in de overgangen tussen de stukken en binnen de stukken: fantasievol, verleidelijk en spannend. Een belangrijk onderdeel daarvan zijn de passages waarin één instrument het alleen voor zijn rekening neemt, het stuk uitdiept of een ander terrein in voert. Anders dan klassieke jazz-solos dus. Lama’s kern: een innemende combinatie van rauwheid, melodie en koen trekken van uitdagende lijnen, de manier waarop speelplezier en concentratie samenkomen.   Santos Silva speelt alles waar een trompet voor gemaakt is, Almeida heeft een gaaf vibrerende basklank en breidt zijn geluid op een bijzondere manier met subtiel inwerkende electronica uit. Smith, steeds firm, flexibel en snel agerend, heeft alles op het juiste moment letterlijk bij de hand zonder ook maar een moment te showen. Alles wat deze vier musici hier spelen, blijft aldoor verbazingwekkend grounded terwijl ze tegelijk alle vier constant nieuwe perspectieven openen, doorzetten en aan het verschuiven zijn. De fascinatie van het luisteren blijft. Hun lukt blijkbaar wat veel anderen slechts proberen: het creëren van fantasiewerelden die mensen aanspreken, fantasiewerelden die tot onze verbeelding spreken en onze redding in de zee van de werkelijkheid kan worden. Doet o.a. aan Josef Nadj, Wassili Kandinsky, Manoel de Oliveira en Robert Wilson denken. De fraaie album-cover – voor mij de mooiste die ik tot nu toe dit jaar ben tegengekomen – verbeeld dit sprekend.   En dan beseffen dat dit alles zich uit modder vormt. Lama, dat is ‘modder’ in het Portugees. Je moet enige lef en het nodige zelfbewustzijn hebben om dat als groep als uitgangspunt te nemen en je zelfs zo te noemen! De albumtitel Lamaçal, slib, gaat zelfs nog een stuk verder. Zee, getijden, deining, slib, creatie …. Santos Silva, Goncales en Smith hebben er iets boeiends uitgehaald en het prikkelend vorm gegeven!
http://www.writteninmusic.com/jazz/lama-lamacal/lang/nl/

Advertisements

All About Jazz Italy Vittorio Albani

CF 263Ingebrigt Håker Flaten – Now Is (CF 263)
Potremmo essere velocissimi. Il bassista norvegese che oggi abbraccia gli orizzonti texani è davvero uno dei musicisti che sono entrati da qualche anno nel gotha del free più creativo e propositivo. La portoghese Clean Feed, che lo sa da qualche tempo, lo santifica nuovamente con questo Now Is che potrebbe davvero essere la definitiva consacrazione di Håker Flaten, crema eccelsa del movimento più intelligente legato alla musica contemporanea. E lui, per non deludere nessuna attesa, benedice il nuovo lavoro lasciando a casa ogni scelta ritmica per eccellenza, scegliendo un inaspettato e sorprendente quartetto con il fido Joe McPhee al tenore, il chitarrista Joe Morris e il trombettista Nate Wooley. Niente batteria, niente pianoforte. Le poche basi interpretative toccano il blues e atomi di bop; il resto è pura improvvisazione in senso davvero nuovo e lontano sia dalle “classiche” accezioni europee o nordiche, sia da quelle del fin qui conosciuto mondo chicagoano o che comunque gravita attorno a quelle aree. Il risultato è una tela sonora di vastità rara; materiale musicale da analizzare per ore che piacerebbe sicuramente a Pollock, per niente assimilabile a qualcosa di similare affrontato da formazioni imparentate ma, forse, più concettualmente vicino alle filosofie di Malachi Favors con un pizzico del Charlie Haden più ricercato. Now Is è un gioco di affinità elettive, spazio destrutturato, quaranta minuti di precisione, dove nulla sembra lasciato al caso. Empatia spontanea e frammenti di lucida avantgarde cross-generazionale. Wooley ci piace moltissimo in “Rangers,” Morris in “As If,” McPhee in “Knicks,” Håker Flaten, giustamente, dovunque.

Che cosa vuol dire? Vuol dire che la tendenza è quella di una pittura sonora dove ogni tassello santifica le varie personalità e l’energia di ogni attore del lavoro. Qualcosa di metallico che avvicina il tutto al punk-jazz e poi il piccolo mare luminoso dei due minuti e rotti finali di “Post,” ballad che chiude il cerchio aperto con il “Port” iniziale.

Astratto ma mai tagliente, sensuale in modo certamente peculiare e personale, selvaggio e controllato quanto basta. Di certo non un capolavoro imperdibile, ma trentanove minuti da studiare a fondo per comprendere le nuove costellazioni del cielo di una modern music fatta di accenti, spazio, colore, cacofonia, naturalezza e momenti di autentica tensione. Grandiosa sintesi di ciò che oggi potrebbe essere per molti eccitazione, per altri (i più distratti) noia. L’originalità è però davvero unica ed è questa, innanzitutto, da portare sull’altare.
http://italia.allaboutjazz.com/php/article.php?id=9083